overhvm_statuten 


Hockeyvereniging Mijdrecht


Statuten

NAAM EN ZETEL

Artikel 1

1. De vereniging is genaamd: Hockey vereniging "Mijdrecht” (kortheidshalve aan te duiden met: HVM).

2. De vereniging heeft haar zetel in de gemeente De Ronde Venen.


DOEL

Artikel 2

1. De vereniging heeft ten doel het beoefenen van het hockeyspel.

2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door het houden van (oefen)wedstrijden en door alle wettige middelen die aan het doel bevorderlijk kunnen zijn.


BOEKJAAR

Artikel 3

Het boekjaar van de vereniging, ook te noemen verenigingsjaar, loopt van 1 juni van enig jaar tot en met 31 mei van het daarop volgende jaar


LIDMAATSCHAP

Artikel 4

1. De vereniging kent seniorleden en ereleden.

Seniorleden en ereleden zijn de leden van de vereniging in de zin van de wettelijke bepalingen van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en hebben als zodanig toegang tot de algemene vergadering met stemrecht.

2. Seniorleden zijn zij die als zodanig zijn toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 lid 1, dan wel zij die seniorlid zijn geworden op grond van het bepaalde in artikel 6 lid 5.

3. Ereleden zijn zij die wegens hun buitengewone verdiensten jegens de vereniging door de algemene vergadering daartoe zijn benoemd overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 lid 2.


Artikel 5

1. Aan de activiteiten van de vereniging kunnen onder de benaming van juniorleden jongeren deelnemen.

2. De vereniging kent voorts leden van verdienste.

3. De juniorleden en leden van verdienste (die niet seniorlid zijn) zijn geen leden van de vereniging in de zin van de wettelijke bepalingen van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, doch hebben toegang tot de algemene vergadering zonder stemrecht.

4. Juniorleden zijn zij die als zodanig zijn toegelaten overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 lid 1.

5. Leden van verdienste zijn zij die door hun prestaties aanspraak kunnen maken op de erkentelijkheid van de vereniging en daartoe zijn benoemd overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 lid 3.


Artikel 6

1. Het lidmaatschap is persoonlijk.

2. Seniorleden zijn zij, die voor één oktober van het lopende verenigingsjaar achttien jaar of ouder zijn.

3. Juniorleden zijn zij, die voor één oktober van het lopende verenigingsjaar jonger zijn dan achttien jaar.

4. De juniorleden kunnen in het huishoudelijk reglement nader worden onderscheiden in juniorleden A tot en met F.

5. Een juniorlid wordt seniorlid bij het begin van een nieuw verenigingsjaar, waarin het krachtens het vorenstaande de daartoe vereiste leeftijd van achttien jaar bereikt, zonder verdere formaliteiten.

6. Waar in deze statuten en in de reglementen van de vereniging wordt gesproken over "leden" zonder verdere aanduiding, worden daaronder zowel de seniorleden en de ereleden als de juniorleden en de leden van verdienste verstaan, en waar in deze statuten en in de reglementen van de vereniging wordt gesproken over "lidmaatschap" zonder verdere aanduiding, wordt daaronder zowel het lidmaatschap van de seniorleden en de ereleden als het lidmaatschap van de juniorleden en de leden van verdienste verstaan, alles voorzover de statuten en de reglementen geen nader onderscheid maken.


Artikel 7

1. Over de toelating van leden beslist het bestuur.

Minderjarigen kunnen alleen worden toegelaten, als zij in het bezit zijn van een schriftelijke toestemming van hun wettige vertegenwoordiger. De algemene vergadering kan bij niet-toelating wel alsnog tot toelating besluiten.

2. Ereleden worden op voorstel van het bestuur door de algemene vergadering benoemd.

3. Leden van verdienste worden door het bestuur benoemd.

4. De wijze van aanmelding en de voorwaarden voor toelating van de leden als bedoeld in lid 1 zijn geregeld in het huishoudelijk reglement.

5. De vereniging houdt een ledenregister waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen.


Artikel 8

1. Personen die als lid toetreden of zijn toegetreden tot de vereniging worden daardoor lid van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond en zijn als zodanig (mede-)onderworpen aan de statuten, reglementen en besluiten van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond en zijn organen, waaronder met name is begrepen de tuchtrechtspraak.

2. Personen die een al dan niet betaalde functie binnen de vereniging uitoefenen of zullen uitoefenen, met uitzondering van hen, die uitsluitend door een financiële bijdrage de vereniging steunen of zullen steunen en van hen die met de hockeysport generlei bemoeienis hebben of zullen hebben, dienen zich te

(mede-)onderwerpen aan de statuten, reglementen en besluiten van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond en zijn organen, waaronder met name is begrepen de tuchtrechtspraak; daartoe zal de vereniging alle nodige maatregelen nemen en alle vereiste regelingen treffen, waarbij zo nodig met iedere zodanige individuele persoon een daartoe strekkende overeenkomst zal worden aangegaan.


Artikel 9

Het bestuur kan een lid schorsen in alle gevallen, waarin naar het oordeel van het bestuur gerede aanleiding bestaat tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging of tot ontzetting uit het lidmaatschap, als voorzien in artikel 10.

Een besluit tot schorsing dient binnen twee maanden te worden gevolgd door kennisgeving aan het geschorste lid van een besluit van het bestuur tot opzegging van het lidmaatschap dan wel tot ontzetting uit het lidmaatschap op de voet van al het dienaangaande in artikel 10 bepaalde, bij gebreke waarvan de schorsing na afloop van die termijn vervalt. Hangende de procedure blijft het lid geschorst.


Artikel 10

1. Het lidmaatschap eindigt door:

a. overlijden van het lid;

b. opzegging door het lid;

c. opzegging door de vereniging;

d. ontzetting.

2. De vereniging kan het lidmaatschap opzeggen wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap bij de statuten gesteld te voldoen, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren. Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.

3. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging geschiedt voorts door het bestuur, wanneer het de vereniging krachtens de statuten van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond verboden is het betrokken lid als lid van de vereniging te handhaven.

4. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van ten minste één maand. Het lidmaatschap kan echter onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.

5. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.

6. Een lid kan zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen binnen een maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm tot fusie of tot splitsing.

7. Een lid is niet bevoegd zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang op te zeggen in het geval zijn geldelijke rechten en verplichtingen worden gewijzigd.

8. Ontzetting kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.

9. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting staat de betrokkene binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep op de algemene vergadering open. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.

Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande dat het geschorste lid het recht heeft zich in de algemene vergadering, waarin het beroep wordt behandeld, te verantwoorden.

10. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.


VERPLICHTINGEN VAN DE LEDEN

Artikel 11

De leden van de vereniging zijn verplicht:

a. de statuten en de reglementen van de vereniging en van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond, als­mede de be­sluiten van hun organen na te le­ven;

b. de verplichtingen, die de vereniging en/of de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond uit naam van zijn leden aangaat of die uit het lidmaatschap voortvloeien, te aanvaarden en na te leven. Tot deze verplichtingen behoort onder meer het aanvaarden en nakomen van door de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond, mede namens zijn leden, aangegane verplichtingen jegens een of meer derden, aangaande de verkoop en/of exploitatie van televisie- en/of radio-opnamen en/of uitzendrechten;

c. zich voor, tijdens en na de wedstrijd behoor­lijk te gedragen;

d. er voor te zorgen dat de door hen te spelen wed­strijden ordelijk verlopen en dat de voorschrif­ten die, door of vanwege het bestuur en/of het bestuur van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond met be­trekking tot de handhaving van de orde bij die wedstrijden mochten worden gegeven, stipt worden opgevolgd;

e. er voor te zorgen dat de belangen of het aan­zien van de hockeysport, de vereniging en de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond door hun toe­doen niet op on­toelaatbare wijze worden geschaad;

f. zich tegenover elkander en derden en tegenover de vereniging en/of de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond te onthouden van bedrieglijke handelingen;

g. tot betaling van contributie, zulks met inachtneming van het daaromtrent in de statuten en het huishoudelijk reglement bepaalde.


GELDMIDDELEN

Artikel 12

1. De geldmiddelen van de vereniging bestaan uit de contributies van leden, entreegelden van nieuwe leden en bijdragen van donateurs, erfstellingen, legaten, lastbevoordelingen, schenkingen en andere, al dan niet toevallige, baten.

Erfstellingen mogen door de vereniging niet anders worden aanvaard dan onder het voorrecht van boedelbeschrijving.

2. Ieder seniorlid en juniorlid betaalt een jaarlijkse contributie, waarvan het bedrag wordt vastgesteld door de algemene vergadering. Zij kunnen daartoe in categorieën worden ingedeeld die een verschillende bijdrage betalen. Ereleden en leden van verdienste (die niet tevens seniorlid zijn) zijn niet contributie plichtig.

3. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.

4. Nieuwe seniorleden en juniorleden betalen een entreegeld, waarvan het bedrag wordt vastgesteld door de algemene vergadering. Dit geldt niet voor seniorleden, die dit worden op grond van het bepaalde in artikel 6 lid 5.

5. Het huishoudelijk reglement kan bepalingen bevatten terzake van door leden in voorkomende gevallen aan de vereniging verschuldigde schadeloosstellingen en boeten.


DONATEURS

Artikel 13

De vereniging kent donateurs; dit zijn natuurlijke personen of rechtspersonen die zich als zodanig hebben aangemeld en zich bereid hebben verklaard de vereniging uitsluitend door een financiële bijdrage te steunen. Hun toelating en hun rechten en verplichtingen worden in het huishoudelijk reglement geregeld.


BESTUUR

Artikel 14

1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het besturen van de vereniging opgedragen aan een bestuur bestaande uit tenminste vijf en ten hoogste * natuurlijke personen. Het aantal bestuursleden wordt met inachtneming van de vorige zin door de algemene vergadering bepaald.

2. De leden van het bestuur worden benoemd door de algemene vergadering. De leden van het bestuur behoeven geen lid te zijn van de vereniging.

3. De leden van het bestuur kunnen door de algemene vergadering te allen tijdeworden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen twee maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

4. Mocht het aantal leden van het bestuur door enigerlei oorzaak te eniger tijd beneden het statutaire minimum dalen, dan vormen de overgebleven bestuursleden of vormt het overgebleven bestuurslid rechtsgeldig het bestuur. Het bestuur is in dat geval verplicht ten spoedigste een algemene vergadering bijeen te roepen, in welke het bestuur tot ten minste het statutair minimaal aantal personen dient te worden aangevuld.

5. De leden van het bestuur worden benoemd voor de duur van drie jaar. Elk bestuurslid treedt aldus af in de jaarlijkse algemene vergadering, volgend op die waarin zijn benoeming plaatsvond, volgens een door het bestuur op te stellen rooster van aftreden.

Een in een tussentijdse vacature benoemd bestuurslid neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.

Een aftredend bestuurslid defungeert en het nieuw benoemd bestuurslid treedt in functie onmiddellijk na afloop van de algemene vergadering waarin de benoeming plaatsvond.

Het aftredende bestuurslid is terstond herkiesbaar, behoudens beperkingen vastgelegd in het huishoudelijk reglement.


Artikel 15

1. De voorzitter van het bestuur wordt als zodanig door de algemene vergadering benoemd. Het bestuur benoemt voorts uit zijn midden een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester zijn verenigbaar.

2. Het bestuur regelt en verdeelt in onderling overleg zijn werkzaamheden, met inachtneming van de wet, de statuten en het huishoudelijk reglement.

3. Van het verhandelde in elke bestuursvergadering worden door de secretaris notulen opgemaakt, die door de voorzitter en de secretaris worden vastgesteld en ondertekend.

4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.


Artikel 16

1. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. Deze beperking geldt mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging ter zake van deze handelingen. [artikel 2:44 lid 2 BW]

2. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot [artikel 2:44 lid 1 en 2:45 BW]:

I. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen, een bedrag van euro (€) te boven gaande, onverminderd het bepaalde onder II;

II. a. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van registergoederen;

b. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend.

c. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;

d. het aangaan van vaststellingsovereenkomsten;

e. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen, en van het nemen van de rechtsmaatregelen die geen uitstel kunnen lijden;

f. het aangaan en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.

Deze beperking geldt niet voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging ter zake van deze handelingen.


VERTEGENWOORDIGING

Artikel 17

1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging. De vertegenwoordigings-

bevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuursleden.

2. In alle gevallen waarin de vereniging een tegenstrijdig belang heeft met een of meer bestuursleden kan de algemene vergadering een of meer personen aanwijzen om de vereniging te vertegenwoordigen.


ALGEMENE VERGADERING

Artikel 18

Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.


Artikel 19

1. Degenen die volgens deze statuten of het huishoudelijk reglement toegang tot de algemene vergadering hebben kunnen daarin het woord voeren.

2. Bovendien hebben degenen die, zonder lid van de vereniging te zijn, deel mochten uitmaken van het bestuur, de kascommissie en van andere bij of krachtens huishoudelijk reglement in te stellen commissies van de vereniging, toegang tot de algemene vergadering en zij kunnen daarin het woord voeren met toestemming van de voorzitter van de vergadering; zij hebben in de algemene vergadering echter geen stemrecht. Over toelating van andere personen beslist de voorzitter van de vergadering.

3. Onverminderd het bepaalde in artikel 10 lid 9, hebben geschorste leden geen toegang tot de algemene vergadering.

4. Ieder seniorlid en ieder erelid dat niet geschorst is heeft op de algemene vergadering één stem. Het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is, heeft een raadgevende stem.

Een lid kan zijn stem door wel een schriftelijk daartoe gevolmachtigd ander stemgerechtigd lid laten uitbrengen.

5. De voorzitter en de secretaris van het bestuur treden als zodanig ook op bij de algemene vergadering. Ingeval van hun belet of ontstentenis benoemt de algemene vergadering een voorzitter en een secretaris van die vergadering uit de andere bestuursleden indien ter vergadering aanwezig. Is geen van de bestuursleden ter vergadering aanwezig, dan voorziet de vergadering zelf in haar leiding.

6. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die door de voorzitter en de notulist worden vastgesteld en ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken. De inhoud van de notulen of van het proces-verbaal wordt ter kennis van de leden gebracht.


Artikel 20

1. Het bestuur roept de algemene vergadering bijeen, zo dikwijls het dit wenselijk oordeelt, of wanneer het daartoe volgens de wet, de statuten of het huishoudelijk reglement verplicht is.

2. De jaarvergadering wordt gehouden binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar. In de jaarvergadering wordt in ieder geval aan de orde gesteld de goedkeuring van de balans en de staat van baten en lasten met de toelichting, de benoeming van de in lid 3 van artikel 22 bedoelde commissie voor het volgende boekjaar, de voorziening in eventuele vacatures, de decharge van het bestuur en de voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.

3. De bijeenroeping geschiedt bij schriftelijke aankondiging en/of bij aankondiging per email, toe te zenden aan alle leden en aan degenen die volgens artikel 19 lid 2 toegang tot de algemene vergadering hebben. Als de vereniging een officieel orgaan heeft, kan de bijeenroeping, in afwijking van het bepaalde in de vorige zin, geschieden door plaatsing van de aankondiging in dat orgaan. In de aankondiging wordt de agenda opgenomen.

4. De oproeping geschiedt niet later dan op de vijftiende dag voor die van de vergadering.

5. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste * stemgerechtigde leden, als ook op schriftelijk verzoek van ten minste tien procent van de stemgerechtigde leden, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek. Het verzoek moet bij aangetekende brief aan het bestuur worden gedaan en moet de punten van behandeling bevatten.

Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze bepaald in lid 3 van dit artikel, of bij advertentie in ten minste een, ter plaatse waar de vereniging gevestigd is, veel gelezen dagblad.


Artikel 21

1. Alle besluiten, waarvoor bij deze statuten of de wet geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden genomen bij gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

2. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk bij gesloten en ongetekende briefjes, tenzij de vergadering eenstemmig goedkeurt dat mondeling gestemd wordt. Blanco en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. Een besluit kan bij acclamatie tot stand komen, doch niet, indien een stemgerechtigde aanwezige terzake hoofdelijke stemming verlangt.

3. Indien de stemmen staken over een voorstel niet betreffende een verkiezing van personen, dan is het verworpen.

4. Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter, dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van vorenbedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der algemene vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

5. Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming, of in geval van een bindende voordracht, een tweede stemming tussen de voorgedragen kandidaten, plaats. Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft gekregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij deze herstemmingen, waaronder niet is begrepen de tweede stemming, wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. In geval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.

6. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

7. Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.


FINANCIËLE ADMINISTRATIE, JAARVERSLAG, REKENING EN VERANTWOORDING

Artikel 22

1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.

2. Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, een jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuursleden in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.

3. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van ten minste twee personen, die geen deel van het bestuur mogen uitmaken. De commissie onderzoekt de balans en de staat van baten en lasten met de toelichting en brengt aan de algemene vergadering verslag van haar bevindingen uit. Het bestuur is verplicht de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de vereniging voor raadpleging beschikbaar te stellen. Vereist het onderzoek bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie zich door een deskundige doen bijstaan.

4. De last van de commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie.

5. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 1 en 2 gedurende zeven jaren te bewaren.

6. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave van de gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.

7. Goedkeuring van de jaarrekening door de algemene vergadering strekt het bestuur niet tot decharge over het afgelopen boekjaar.


REGLEMENTEN

Artikel 23

1. De vereniging heeft een huishoudelijk reglement, hetwelk door de algemene vergadering wordt vastgesteld en kan worden gewijzigd en aangevuld op de wijze als daarin bepaald. Het huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten in strijd met de wet en de statuten.

2. Het huishoudelijk reglement en eventuele andere reglementen van de vereniging bevatten al hetgeen in aanvulling en ter uitvoering van de statuten nadere regeling behoeft dan wel wenselijk doet zijn.


STATUTENWIJZIGING

Artikel 24

1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt ten minste zeven dagen.

2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.

3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin ten minste twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Is dit vereiste gedeelte van de leden niet aanwezig of vertegenwoordigd, dan wordt na die vergadering een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden niet eerder dan veertien dagen en niet later dan zes weken na de eerste vergadering, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee derden van de uitgebrachte stemmen.

4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van zodanige akte is ieder bestuurslid bevoegd.

5. Wijzigingen in de statuten en/of de reglementen van de vereniging dienen onmiddellijk ter kennis van het bestuur van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond te worden gebracht.


ONTBINDING EN VEREFFENING

Artikel 25

1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1 en 3 van het vorige artikel is ten aanzien van een zodanig besluit van overeenkomstige toepassing.

2. Bij ontbinding van de vereniging wordt haar vermogen vereffend door de bestuursleden, indien en voor zover de algemene vergadering niet anders bepaalt.

3. Hetgeen na voldoening van de schuldeisers van het vermogen van de ontbonden vereniging is overgebleven, wordt naar evenredigheid overgedragen aan de leden. Bij het besluit tot ontbinding kan door de algemene vergadering aan hetgeen na voldoening van de schuldeisers van het vermogen van de ontbonden vereniging zal overblijven echter ook een andere bestemming worden gegeven.

4. De algemene vergadering benoemt de persoon die de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden vereniging gedurende zeven jaren dient te bewaren.